Bindweefselaandoeningen

 

Screens

Producten

Artikelnr.

Aantal tests

Varelisa ReCombi ANA Screen 125 96 96 tests
Varelisa ANA 8 Screen 124 96 96 tests
EliA Symphony Well 14-5508-01 4x12 tests
EliA CTD Screen 14-5596-01 4x12 tests

Promotiemateriaal

Testresultatenfolder
EliA ANA Differentiation
Sm, U1RNP, RNP70, RO, La, Scl-70, CENP, Jo-1

Antigenen

Antinucleaire antistoffen binden intracellulaire antigenen en zijn serologische hallmarks voor systemische reumatische aandoeningen. In tegenstelling tot indirecte immunofluorescentietests screenen ELISA's niet de hele range met antinucleaire antistoffen, maar alleen de antistoffen waarvan bekend is dat ze specifiek zijn voor bindweefselaandoeningen.

Antigenen in Varelisa ReCombi ANA Screen:

dsDNA (recombinant dubbelstrengs-DNA-plasmide)
U1-snRNP (recombinant-humaan)
Sm (B, B', D)

(complex gezuiverd uit humane HeLa-cellen)

SS-A/Ro

(complex gezuiverd uit humane HeLa-cellen)

SS-B/La

(recombinant-humaan)

Scl-70 (recombinant-humaan topoïsomerase 1)
CENP (recombinant-humaan CENP-B)
Jo-1 (recombinant-humane histidyl-tRNA-synthetase)

 

Antigenen in Varelisa ANA 8 Screen:

U1-snRNP (recombinant-humaan)
RNP-Sm (complex gezuiverd uit humane HeLa-cellen)
Sm (B, B', D)

(complex gezuiverd uit humane HeLa-cellen)

SS-A/Ro (recombinant-humaan 52 kD en 60 kD)
SS-B/La

(recombinant-humaan)

Scl-70 (recombinant-humaan topoïsomerase 1)
CENP (recombinant-humaan CENP-B)
Jo-1 (recombinant-humane histidyl-tRNA-synthetase)

 

Antigenen in EliA Symphony:

U1-snRNP (recombinant-humaan U1 70 kD, A en C)
Sm (gezuiverd uit humane HeLa-cellen)
SS-A/Ro (recombinant-humaan 52 kD en 60 kD)
SS-B/La

(recombinant-humaan)

Scl-70 (recombinant-humaan topoïsomerase 1)
CENP (recombinant-humaan CENP-B)
Jo-1 (recombinant-humane histidyl-tRNA-synthetase)

 

Antigenen in EliA CTD Screen:

U1RNP (recombinant-humaan (RNP70, A, C))
SS-A/Ro (recombinant-humaan (60 kDa, 52 kDa))

SS-B/La

(recombinant-humaan)
centromeer B

(recombinant-humaan)

Scl-70 (recombinant-humaan)
Jo-1 (recombinant-humaan)
fibrillarine (recombinant-humaan)
RNA Pol III (recombinant-humaan)
Rib-P (recombinant-humaan)
PM-Scl (recombinant-humaan)
PCNA (recombinant-humaan)
Mi-2-proteïnen (recombinant-humaan)
Sm-proteïnen (recombinant-humaan)
DNA (oorspronkelijk gezuiverd)

Ziekteassociatie, antistofprevalentie en specificiteit

Auto-antigeen

Ziekte en prevalentie

Klinisch belang

dsDNA

SLE: 60-90% Specifieke marker voor SLE - anti-dsDNA-antistoffen correleren met ziekteactiviteit (controle). Marker voor weefselschade - anti-dsDNA-antistoffen zijn geassocieerd met een vergrote kans op nefritis; de specificiteit is 95%.
RNP
(70 kDa, A, C)
SLE: 30-70%
MCTD: 100%
Anti-U1 snRNP-antistoffen duiden een goede prognose aan m.b.t. de ontwikkeling van nierbetrokkenheid, ook als ze worden gevonden in combinatie met Sm.
MCTD wordt vastgesteld aan de hand van hoge anti-U1 snRNP-waarden.
Sm
(B, B', D)
SLE: 10-30% Specifieke marker voor for SLE (specificiteit 99%)
SS-A/Ro
(52 kD, 60 kD)
SLE: 25-50%
SS: 60-90%
Neonatal Lupus: >95%
Hoge kans op neonatale lupus als de moeder anti-SS-A/Ro- (met name gericht tegen 52 kD) en anti-SS-B/La-antistoffen heeft
SS-B/La SLE: 5-15%
SS: 40-95%
Neonatale lupus
Anti-SS-B/La-antistoffen worden vrij altijd gevonden in combinatie met anti-SSA-antistoffen, die specifieker zijn voor het Syndroom van Sjögren dan anti-SS-A/Ro
Scl-70 Sclerodermie:
20-70%
Specifieke marker voor for sclerodermie (specificiteit 98-100%)
Centromeer
(CENP-B)
CREST: 50% (andere bronnen: 40- 90%)
Ziekte van Raynaud: 10-15 %
Aanwezig bij patiënten met lokale vorm van sclerodermie
Jo-1 Poly-/Dermatomyositis: 30% Patiënten hebben vaak longbetrokkenheid. Positieve patiënten voor anti-Jo-1-antistoffen hebben vaak een ernstige ziekte en reageren slecht op behandeling

 

Ziekteactiviteit

Afzonderlijke antigenen in het profiel correleren goed met de ziekteactiviteit, andere niet. Voor controle verdient het meten van de afzonderlijke specificiteiten aanbeveling.

Wanneer verdient de meting aanbeveling?

Vermoeden van bindweefselaandoeningen.

Antistofisotypen

IgG

Referenties

  • J.B. Peter, Y. Shoenfeld (1996) Autoantibodies. Elsevier Science B.V., Amsterdam
  • Venrooij WJ, Maini RN (1996) Manual of Biological Markers of Disease. Kluwer Academic Publishers, Amsterdam
  • Peene I, Meheus L, Veys EM, De Keyser F (2001) Detection and identification of antinuclear antibodies (ANA) in a large and consecutive cohort of serum samples referred for ANA testing. Ann Rheum Dis 60, 1131-1136
  • Peng SL, Hardin JA, Craft J (1997) Antinuclear antibodies. In: Kelley WN (ed) Textbook of Rheumatology, pp 250-266. Saunders W.B., Philadelphia